Vanaf het begin was het al gelijk duidelijk dat de weg naar de washing station een moeilijke is. We deden er al bijna een uur over met de auto om er vanaf de snelweg te komen, en de vrouwen doen dit vaak met 50 kilo koffie op hun hoofd of zelfs 150kg als ze een fiets hebben. Aangezien alle koffie in een regio alleen naar de washing station daar gebracht mag worden, hebben ze niet veel keus. Gelukkig is de prijs per kilo echter door de overheidsinstantie voor export, NAEB, bepaald, dus krijgt iedereen dezelfde kansen. Het is hierdoor ook gelijk aantrekkelijk om zo veel mogelijk koffie te verbouwen, aangezien de prijs los staat van de kwaliteit, wat de vrouwen dus aanmoedigt om te groeien en zo kunnen ze uiteindelijk zelfstandig worden.

De washing station zelf lijkt erg primitief. De bessen en de bonen worden gescheiden in een machine die iets weg heeft van een goudzoekers zeefmachine. Omdat de bessen en de slechte bonen blijven drijven, kunnen ze de goede bonen opvangen. Deze ondergaan dan enkele stappen om ze schoon te maken en de schillen eraf te halen, waarna ze in water gelegd worden alvorens ze te drogen gelegd worden. Arbeiders scheiden handmatig de lagere kwaliteit bonen uit, die meestal voor lokale koffie gebruikt worden, terwijl de beste bonen vooral voor de export bedoeld zijn. Om de bonen te beschermen mag niemand ze aanraken zonder zijn of haar handen gewassen te hebben.

Na ongeveer 21 dagen drogen zijn de bonen eindelijk klaar en wordt een sample naar NAEB gestuurd zodat ze kwaliteit getest kan worden. Als die het goedkeurt worden de bonen doorverkocht aan de exporteurs voor ongeveer €5 per kilo, wat wederom vastgesteld is door NAEB.

Het hele proces is erg waterintensief en om te zorgen dat dit niet verloren gaat stroomt het naar de boerderijen lager in de vallei. Die ontvangen tevens ook het restafval zoals de bessen voor compost. Verder helpt het de lokale bevolking ook doordat het veel banen oplevert. In het hoogseizoen werken er wel 100 mensen (die samen 35 ton per dag verwerken). Vrouwen verdienen 1000 Rwandese frank per dag en mannen 1200, iets meer omdat ze het fysieke zware werk doen. Bovendien geeft de (vrouwelijke) eigenaar van de washing station gratis zaden aan de lokale community, zolang ze de koffiebonen uiteindelijk maar aan haar verkopen. Zo wordt toch duidelijk dat koffie een van de drijvende krachten van Rwanda is.